30 augustus 2008

Antwoord van mevrouw Kamphorst (1982)


Verplichte kost voor alle leerlingen van de Derde Daltonschool in Amsterdam: een keer per jaar een briefje sturen aan een oude meneer of mevrouw in een verzorgingstehuis. Daar waren speciale kartonnen kaarten voor gemaakt door het Rode Kruis. De kaart was verdeeld in een paar vakken. In het bovenste deel schreef je een beleefde tekst, op het onderste deel je naam en adres, op het bovenste deel van de achterkant tekende je iets vrolijks. Het onderste deel van de achterkant liet je leeg, daar zou de ontvanger iets op kunnen terugschrijven. De kaart kwam dan automatisch bij je terug omdat je je eigen adresgegevens al op de kaart had geschreven.
Jaar in jaar uit schreef ik een kaartje vol. Altijd lastig om inspiratie te vinden, want de ontvanger was een onbekende. Je wist niet of het een hij of zij was, of de ontvanger kwiek of juist bedlegerig was. En tot overmaat van ramp kreeg ik nooit antwoord terug. In mijn laatste jaar op de lagere school ervoer ik mijn tekening en briefje als een noodzakelijk kwaad. Ik klodderde een fantasiedier op het karton en beschreef mijn saaie dag in de schoolbank.

Een paar weken later ontving ik het onderste deel van het kaartje tot mijn stomme verbazing terug op mijn huisadres. Dit is wat er stond geschreven:

Beste Ludo!
Vriendelijk dank voor je leuke kaart.
Wij hopen dat je nog veel zult leren
en de hartelijke groeten van
Mw. Kamphorst, daag


Lieve mevrouw Kamphorst,
De kans dat u dit nog leest is niet zo groot,
maar wat maakte u mijn dag goed.
Dank u wel.
Dag,
Ludo